Posted by Turkse Media
Apr 04, 2026
Ankara eist concrete stappen van Nederland in terrorismezaken
De Turkse minister van Justitie Akın Gürlek heeft tijdens een overleg in Ankara met zijn Nederlandse ambtgenoot David Van Weel aangedrongen op intensievere justitiële samenwerking, met name op het gebied van uitleveringen van verdachten en leden van onder andere terreurgroepen.
Volgens Gürlek heeft Turkije momenteel 217 uitleveringsverzoeken ingediend in verband met de terroristische sekte FETÖ en 8 verzoeken met betrekking tot terreurgroep PKK. Hij riep Nederland op deze verzoeken te honoreren in het kader van de bestaande bondgenootschappelijke relatie. Nederland en Turkije zijn beide lid van de NAVO.
De gesprekken vonden plaats in het Turkse ministerie van Justitie in Ankara en stonden in het teken van de verdere verdieping van de bilaterale betrekkingen. Gürlek benadrukte dat de samenwerking tussen beide landen al decennialang bestaat en mede wordt gedragen door de Turkse gemeenschap in Nederland, die circa 500.000 mensen omvat.

De Turkse minister wees op het belang van nauwere samenwerking bij de bestrijding van georganiseerde misdaad, waaronder drugshandel, mensensmokkel en witwassen. Volgens hem versterkt samenwerking tussen justitiële autoriteiten niet alleen de rechtsorde, maar ook de bredere relatie tussen staten.
Geen goede voortgang
Tegelijkertijd uitte Gürlek kritiek op het uitblijven van concrete resultaten bij eerdere verzoeken om rechtshulp. Hij stelde dat Turkije nog geen bevredigende voortgang ziet in de behandeling van uitleveringsverzoeken, met name in zaken die verband houden met FETÖ, de groep achter de mislukte staatsgreep van 15 juli 2016 waarbij 251 mensen omkwamen.
Ook met betrekking tot de PKK, die door de Europese Unie als terroristische organisatie wordt aangemerkt, blijven Turkse verzoeken volgens Gürlek zonder resultaat. Hij drong er tevens op aan dat personen die gelieerd zijn aan deze organisaties geen verblijfsstatus of asiel in Nederland krijgen, of dat bestaande statussen opnieuw worden beoordeeld.
Een specifiek punt van zorg voor Ankara betreft de zaak van Musa Aşoğlu, de leider van terreurgroep DHKP-C. Gürlek verklaarde dat Turkije diens uitlevering verlangt na afronding van een lopende strafzaak. Tot dusver heeft Nederland volgens hem geen positieve stappen gezet in dit dossier.
Daarnaast verwees de minister naar eerdere gezamenlijke operaties, waaronder een grootschalige actie in april vorig jaar waarbij Nederlandse en Turkse autoriteiten samen optraden tegen drugshandel. In dat verband verwacht Ankara dat ook verdachten die zich in Nederland bevinden, worden uitgeleverd.

Moslimhaat
Gürlek sprak eveneens zijn zorgen uit over maatschappelijke ontwikkelingen in Nederland. Hij wees op een toename van racisme, vreemdelingenhaat en Islamofobie in West-Europa en noemde recente incidenten waarbij moslimvrouwen in Nederland betrokken waren bij politieoptreden. Volgens hem is het van belang dat dergelijke ontwikkelingen nauwlettend worden gevolgd en aangepakt.
Ondanks de spanningen benadrukte de Turkse minister dat de ontmoeting moet bijdragen aan verdere versterking van de samenwerking en het wederzijds vertrouwen tussen beide landen.
Lovend
De Nederlandse justitieminister uitte zich lovend over de rol van Turkije in geopolitieke bemiddeling en Europa. Hij noemde het land een onmisbare partner in onzekere tijden (LEES meer). Van Weel sprak ook zijn vertrouwen uit in de Turkse diplomatie en in het bijzonder in minister van Buitenlandse Zaken Hakan Fidan. “Als iemand een verschil kan maken, dan is hij het”, aldus de Nederlandse bewindsman. (LEES meer)

© Turksemedia.nl – Alle rechten voorbehouden | AA | Gepubliceerd: 04-04-2026


































